In het kort: De S&P 500-index volgt 500 grote beursgenoteerde ondernemingen in de Verenigde Staten, wat het grootste deel van de Amerikaanse beurswaarde dekt. Europese beleggers volgen deze index via fysieke UCITS-ETF’s van beheerders zoals Vanguard (VUAA, VUSA) en iShares (CSPX, IUSA), met lopende kosten van 0,07% per jaar.
In het kort
De S&P 500 is een veelgevolgde index van grote Amerikaanse bedrijven. In Europa volgen particuliere beleggers deze index vaak via ETF’s, zoals VUAA, VUSA, CSPX of IUSA. Deze beleggingsfondsen zijn gevestigd in Ierland en vallen onder de Europese UCITS-wetgeving. Op deze pagina lees je hoe de achterliggende index is opgebouwd en wat de verschillen zijn tussen de vier fondsklassen. Ook leggen we uit waarom de bekende Amerikaanse fondsen hier doorgaans niet verkrijgbaar zijn.
Hoe de index is opgebouwd
De index is in beheer bij de aanbieder S&P Dow Jones Indices. Het mandje bevat ongeveer 500 grote Amerikaanse bedrijven. Omdat een aantal bedrijven meerdere aandelenklassen uitgeeft, bevat de index in de praktijk iets meer dan 500 aandelenlijnen. Samen vertegenwoordigen deze bedrijven grofweg 80% van de totale marktwaarde van de Amerikaanse aandelenmarkt.
Niet elk Amerikaans bedrijf wordt zomaar in de S&P 500 opgenomen. Een indexcomité selecteert de deelnemende bedrijven op basis van openbaar gemaakte regels. Zo moet een bedrijf zijn hoofdvestiging in de Verenigde Staten hebben. Daarnaast stelt het comité strikte eisen aan de marktomvang en de handelsliquiditeit van het aandeel. Er moet ook voldoende free float zijn; dit betekent dat een groot genoeg deel van de aandelen vrij verhandelbaar is op de beurs. Tot slot eist het comité dat een bedrijf positieve winstcijfers kan laten zien. Puur het feit dat een bedrijf groot is, biedt dus geen automatische garantie voor een plek in de index.
Als een bedrijf aan de eisen voldoet en is geselecteerd, weegt het in de index mee op basis van de vrij verhandelbare marktwaarde. Dit mechanisme zorgt ervoor dat de grootste bedrijven een aanzienlijk deel van de volledige index uitmaken.
Volgens de factsheet van Vanguard telde de index op 31 augustus 2026 503 aandelen. De tien grootste bedrijven vormden samen ongeveer 39,3% van het vermogen van het Vanguard-fonds.
Wat er wel en niet in zit
Wanneer je deze index volgt, beleg je uitsluitend in de Verenigde Staten en alleen in grote bedrijven. Omdat het om één specifiek land gaat, is de spreiding minder groot dan wanneer je kiest voor een wereldwijde index zoals de MSCI World. Deze concentratie in één regio betekent dat de waarde van je inleg flink kan dalen of stijgen. Wat een sterk geconcentreerde markt van 2000 tot en met 2002 meemaakte, lees je in het artikel over de dotcombubbel. Dat is geschiedenis, geen voorspelling.
Daarnaast loop je een valutarisico. De onderliggende aandelen van deze bedrijven noteren in Amerikaanse dollars. Omdat je als Europese belegger de waarde meet in euro’s, heeft de wisselkoers (EUR/USD) invloed op je uiteindelijke rendement. Meer details over de werking hiervan vind je bij het onderwerp valutakosten in de begrippenlijst.
De fondsen
Vier aandelenklassen van twee fondsen volgen deze index. Ze volgen allemaal exact dezelfde index en hebben dezelfde lopende kosten van 0,07% in de calculator. Deze lijst is een weergave van de feiten en geen aanbeveling om ze te kopen. Beide onderliggende fondsen vallen onder het UCITS-kader, de Europese regels voor fondsen die aan het grote publiek worden aangeboden. Ze hebben ook allemaal Ierland als hun domicilie.
De fondsen worden uitgegeven door twee verschillende beheerders: Vanguard en iShares. Elke beheerder biedt zowel een accumulerende (herbeleggende) klasse als een distribuerende (uitkerende) klasse aan. Bij de accumulerende fondsen (VUAA en CSPX) wordt het dividend intern direct herbelegd. Bij de distribuerende fondsen (VUSA en IUSA) keert de uitgever het dividend vier keer per jaar uit. Voor vragen over waar je deze producten kunt vinden, verwijzen we naar de veelgestelde vragen over fondsen en brokers. Mocht er dividendbelasting van toepassing zijn, dan hangt de precieze uitwerking af van je eigen situatie.
Alle vier de fondsen kopen de aandelen zelf (fysieke replicatie). Het Vanguard-fonds volgt de index volledig of vrijwel volledig en gebruikt een steekproef als dat niet praktisch is. Gelanceerd: VUSA op 22 mei 2012, VUAA op 14 mei 2019, CSPX op 19 mei 2010 en IUSA op 15 maart 2002. Het iShares-fonds had op 1 oktober 2026 505 posities, het Vanguard-fonds 504 op 31 augustus 2026.
Dit is algemene uitleg, geen belasting- of beleggingsadvies. Voor je eigen situatie kun je terecht bij een gekwalificeerde belastingadviseur, een financieel adviseur met een AFM-vergunning of de Belastingdienst.
| Fonds | Klasse | Ticker (EUR) | ISIN | Lopende kosten | Dividend | Peildatum |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Vanguard S&P 500 UCITS ETF | herbeleggend | VUAA | IE00BFMXXD54 | 0,07% | herbelegd | nov 2026 |
| Vanguard S&P 500 UCITS ETF | uitkerend | VUSA | IE00B3XXRP09 | 0,07% | 4 keer per jaar | okt 2026 |
| iShares Core S&P 500 UCITS ETF | herbeleggend | CSPX | IE00B5BMR087 | 0,07% | herbelegd | nov 2026 |
| iShares Core S&P 500 UCITS ETF | uitkerend | IUSA | IE0031442068 | 0,07% | 4 keer per jaar | okt 2026 |
De officiële documenten staan bij de uitgever:
- VUAA: Eid, gepubliceerd op de website van Vanguard
- VUSA: Eid, gepubliceerd op de website van Vanguard
- CSPX: Eid en factsheet, gepubliceerd op de website van iShares
- IUSA: Eid en factsheet, gepubliceerd op de website van iShares
Het Eid van VUAA in gewone woorden
Elk fonds dat in de EU aan particuliere beleggers wordt verkocht, moet een essentiële-informatiedocument (Eid) publiceren: drie pagina’s met de kosten, het risico en voorbeeldscenario’s, in een vast format. Hieronder staan de cijfers uit het Eid van VUAA, met bij elk cijfer wat het betekent. We lezen het document elke maand en noteren het op onze wijzigingenpagina als er iets verandert.
| Cijfer | Wat het Eid zegt | Wat het betekent |
|---|---|---|
| Lopende kosten | 0,07% per jaar | Beheer- en bedrijfskosten, betaald uit de waarde van het fonds. Dit is het cijfer dat de meeste sites de TER noemen. |
| Transactiekosten | 0,00% per jaar | De kosten die het fonds zelf maakt bij het kopen en verkopen van aandelen, bovenop de 0,07%. Samen 0,07% per jaar. |
| Risicoklasse | 4 uit 7, “een middelmatige risicoklasse” | Een schaal van 1 tot 7 op basis van koersschommelingen in het verleden. Het beschrijft het verleden; het is geen belofte. |
| Aanbevolen periode van bezit | 5 jaar | De periode waarvoor het Eid zijn scenario’s berekent. Je kunt eerder verkopen, maar de uitkomst kan dan meer afwijken. |
| Waarschuwing | “niet eenvoudig en misschien moeilijk te begrijpen” | Het Eid zegt dit over het fonds zelf. Het is een reden om de cijfers rustig te lezen, geen teken dat er iets mis is. |
| Bewaarder | geen compensatie- of garantieregeling als de bewaarder failliet gaat | De bewaarder is de bank die de bezittingen van het fonds bewaart. De bescherming van je brokerrekening is een aparte kwestie. |
Hoe het “gematigde scenario” bewoog
De scenario’s in een Eid worden elke maand opnieuw berekend uit de afgelopen tien jaar van het fonds en zijn maatstaf. Ze bewegen dus mee met de markt, ook als het fonds zelf niet verandert. Tussen 31 december 2023 en 30 september 2026 ging het gematigde eenjaarscijfer voor VUAA van 12,50% naar 16,10% per jaar.
| Scenario’s in het Eid per | Gematigd, 1 jaar | Stress, 1 jaar |
|---|---|---|
| 31 december 2023 | 12,50% | −90,40% |
| 30 juni 2024 | 13,00% | −90,30% |
| 31 december 2024 | 14,80% | −90,30% |
| 30 juni 2025 | 15,20% | −69,20% |
| 31 december 2025 | 16,00% | −69,20% |
| 30 juni 2026 | 16,00% | −69,20% |
| 30 september 2026 | 16,10% | −69,20% |
Lees een scenario als “wat het recente verleden zou hebben opgeleverd”, niet als wat jij krijgt. Het stresscijfer laat de andere kant zien: in hetzelfde document kan een slecht jaar een groot verlies betekenen.
Waarom geen VOO of SPY?
Veel beleggers lezen online over Amerikaanse ETF’s zoals VOO of SPY. Toch bieden brokers in de Europese Unie deze fondsen over het algemeen niet aan particuliere beleggers aan. De verklaring hiervoor is de Europese PRIIPs-regelgeving. Deze regels stellen dat een aanbieder een gestandaardiseerd informatiedocument moet publiceren: het Eid of Essentiële-informatiedocument (in het Engels KID genoemd).
De meeste Amerikaanse fondsen publiceren geen Eid dat voldoet aan deze Europese eisen. Onder de Europese PRIIPs-regels moet een Eid vooraf aan particuliere beleggers worden verstrekt; zonder dit document stellen brokers in de EU deze fondsen doorgaans niet beschikbaar aan particuliere klanten. De Ierse UCITS-fondsen in dit overzicht hebben dat document wel.
Bronnen en peildatum
Informatie over de index en de selectiecriteria is afkomstig uit de methodologie en de factsheet van de uitgever, S&P Dow Jones Indices. De wettelijke regels voor het informatiedocument zijn vastgelegd in Verordening (EU) nr. 1286/2014 (PRIIPs). De gegevens van de vier ETF’s komen uit de Eid’s en factsheets van iShares en Vanguard. In ons artikel Zo lees je een factsheet staat meer uitleg over deze documenten. Alle getallen in de tabel zijn actueel op de peildatum in de betreffende rij (september en oktober 2026). Meer links staan bij de algemene bronnen op de pagina over ETF’s. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. De fondsgegevens komen uit de Vanguard-factsheet (31 augustus 2026), het Eid van Vanguard (29 september 2026) en de iShares-productpagina (1 en 2 oktober 2026).
Feiten gecontroleerd op 3 oktober 2026.
Bron van de fondsgegevens: factsheets en KID's van de aanbieders. Waar de gegevens vandaan komen