Een doelbedrag bereiken
Hoe lang duurt het om met je maandelijkse inleg een doelbedrag te halen, of welk maandbedrag haalt het in het aantal jaren dat je kiest? Kies een van de twee vragen in de tool.
Hoe lang: een rekenvoorbeeld
Met €5.000 vooraf, €250 per maand en 6% per jaar komt het saldo na 120 maanden boven €50.000: precies 10 jaar. In die maand staat er €50.067, waarvan je €35.000 zelf hebt ingelegd en €15.067 groei is. Leg je €50 per maand meer in, dan ben je er 14 maanden eerder.
De stand “Hoe lang” heeft geen veld voor fondskosten. Gaat er 0,14% lopende kosten af (5,86% per jaar), dan duurt hetzelfde plan 121 maanden en eindigt het op €50.124, met €35.250 ingelegd. Wil je zelf kosten meenemen, vul dan je rendement min de TER van het fonds in. De 6% is een rekenvoorbeeld, geen voorspelling.
Hoeveel per maand: een rekenvoorbeeld
Voor €50.000 over 15 jaar vanaf €0, bij 6% per jaar vóór kosten en 0,14% lopende kosten, is het maandbedrag €174 (precies €173,99). Over 15 jaar leg je €31.318 in en komt er €18.682 aan groei bij.
| Na | Ingelegd | Saldo |
|---|---|---|
| 5 jaar | €10.439 | €12.096 |
| 10 jaar | €20.879 | €28.298 |
| 15 jaar | €31.318 | €50.000 |
Zo rekent het. Beide standen rekenen in maandstappen, met de inleg aan het eind van elke maand: nieuw saldo = oud saldo × (1 + r ÷ 12) + maandbedrag. Bij “Hoe lang” is r het rendement dat je invult; vul je ook inflatie in, dan wordt dat het reële rendement (1 + rendement) ÷ (1 + inflatie) − 1, zodat het doel in geld van nu staat. De tool herhaalt de stap tot het doel is bereikt. Bij “Hoeveel per maand” is r je rendement min de lopende kosten, en lost de tool op: maandbedrag = (doel − start × (1 + r ÷ 12)n) × (r ÷ 12) ÷ ((1 + r ÷ 12)n − 1), met n het aantal maanden. Hij rondt naar boven af op hele centen en controleert het antwoord maand voor maand.
Zo lees je de uitkomst. “Hoe lang” toont de tijd tot het doel en het saldo in de maand waarin het gehaald wordt; dat ligt iets boven het doel, omdat maanden in hele stappen gaan. “Hoeveel per maand” toont het maandbedrag, wat je inlegt en de groei; de jaartabel laat zien hoe het gat dichtgaat. Hoe langer de looptijd, hoe meer de groei het werk doet: in het voorbeeld hierboven is dat 37% van het eindbedrag.
Wat het niet is. Geen voorspelling en geen advies. De berekening gaat uit van een constant rendement, terwijl echte markten stijgen en dalen, en ze zegt niet of een doel of een maandbedrag bij iemand past. Belasting en transactiekosten zitten er niet in. Na 60 jaar stopt de stand “Hoe lang”.
Waar het vandaan komt. Alleen de formule van de ETF-calculator en je eigen invoer. De tool gebruikt geen externe gegevens en slaat niets op.
Twee situaties met rendementen die je zelf kiest
Beginnen met een klein bedrag. Iemand heeft €2.000, kan €150 per maand inleggen en wil €30.000. Bij een gekozen 5% per jaar (zonder fondskosten ingevuld) komt het saldo na 133 maanden boven het doel, ruim 11 jaar. Het staat dan op €30.063, waarvan €21.950 is ingelegd. Leg je €50 per maand meer in, dan ben je er 26 maanden eerder. Vul je ook 2% inflatie in, zodat het doel in geld van nu staat, dan wordt het gebruikte rendement ongeveer 2,94% per jaar: hetzelfde plan duurt dan 150 maanden en eindigt op €30.041, met €24.500 ingelegd, en €50 extra per maand scheelt 31 maanden.
Terugrekenen vanaf €100.000. Iemand wil over 25 jaar €100.000 hebben en heeft al €10.000. Bij een gekozen 5% per jaar vóór kosten en 0,14% lopende kosten is het maandbedrag €113,82. Over 25 jaar leg je €44.146 in en komt er €55.856 aan groei bij. Begin je bij €0, dan is het maandbedrag €171,47, met €51.441 ingelegd en €48.563 groei. Bij een gekozen 3% vanaf €10.000 stijgt het maandbedrag naar €181,94; bij 0% is er geen groei en is het simpelweg €300 per maand.
| Rendement dat je kiest (vanaf €10.000) | Maandbedrag | Ingelegd in 25 jaar |
|---|---|---|
| 5% per jaar | €113,82 | €44.146 |
| 3% per jaar | €181,94 | €64.582 |
| 0% per jaar | €300,00 | €100.000 |
Dit zijn rekenvoorbeelden, geen voorspellingen. Echte rendementen wisselen per jaar en kunnen negatief zijn, en rendementen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst. De standaardwaarde van 6% in de tool is een rekenvoorbeeld, geen voorspelling.
Zo werkt de berekening, stap voor stap
Elke maand wordt het saldo vermenigvuldigd met (1 + r ÷ 12) en komt het maandbedrag erbij. Een voorbeeld van één maand: start met €1.000 bij een gekozen 6% per jaar, dus r ÷ 12 is 0,5%, met €250 erbij: 1.000 × 1,005 + 250 = €1.255. “Hoe lang” herhaalt deze stap tot het saldo het doel haalt. “Hoeveel per maand” gebruikt de formule in de kaart hierboven en controleert die daarna maand voor maand.
Veelgemaakte fouten bij het lezen van het resultaat
- Het antwoord zien als deadline. De uitkomst hangt af van het rendement en maandbedrag dat je kiest, en die kunnen anders uitpakken.
- Het doel kiezen zonder rekening te houden met stijgende prijzen. Een doel in euro’s van nu kan later meer kosten.
- Uitgaan van een gelijkmatig rendement. In het echt kan een maand negatief zijn, waardoor de datum verder weg komt.
Wat de berekening niet meeneemt
Eén vast rendement in elke maand, zonder goede en slechte jaren. In het echt maakt de volgorde van rendementen uit: een daling vroeg in het plan doet meer pijn dan een daling vlak voor het einde, en dat kan de tool niet laten zien. Belasting, transactiekosten, veranderingen in je inkomen en een pauze in het sparen zitten er ook niet in. Of een doel of maandbedrag voor jou verstandig is, kan de tool niet zeggen.
Vragen over een doelbedrag bereiken
Waarom ligt het saldo iets boven het doel?
Maanden gaan in hele stappen. De tool stopt in de eerste maand waarin het saldo op of boven het doel ligt, dus meestal net erboven: in de eerste situatie €63 boven €30.000.
Waarom duurt het langer als ik inflatie invul?
Met inflatie ingevuld geldt het doel als bedrag in geld van nu, en telt alleen het rendement boven de inflatie. In de eerste situatie is dat ongeveer 2,94% in plaats van 5%, dus het plan duurt 150 maanden in plaats van 133.
Betekent een maandbedrag hier dat ik dat moet sparen?
Nee. Het laat alleen zien wat de som nodig heeft bij het rendement dat je koos. Het is een rekenvoorbeeld, geen advies, en bij een lager of negatief rendement is een hoger bedrag nodig.
Verder lezen: